Nevedi heeft kennisgenomen van het recent gepubliceerde rapport van Stichting Natuur en Milieu (SNM) getiteld: Alternatieven voor Zuid-Amerikaanse soja in veevoer. De conclusies van het onderzoek zijn misleidend. Als gebruik van alternatieve eiwitbronnen voor Zuid-Amerikaanse soja daadwerkelijk zo eenvoudig zou zijn dan had de Nederlandse diervoederindustrie dit al gerealiseerd. Het verbaast Nevedi dat in het onderzoek de koppeling van productie van soja voor diervoeder en ontbossing in Zuid-Amerika zo nadrukkelijk wordt gelegd. SNM weet écht wel dat de ontbossingsproblematiek in Zuid Amerika uitermate complex van aard is en dat een dergelijke directe link met soja voor Nederlands veevoer suggestief is en niet te rechtvaardigen valt. Uit recente publicaties over het zogenaamde soja-moratorium in Zuid Amerika blijkt namelijk dat ontbossing als gevolg van sojaproductie verwaarloosbaar is. Het rapport van SNM doet daarmee ook geen recht aan de inspanningen die worden gedaan om de productie van soja te verduurzamen. De Nederlandse diervoederindustrie zet zich, samen met andere ketenpartijen in voor de wereldwijde certificering van verantwoord geproduceerde soja. De zogenaamde Round Table Responsible Soy (RTRS) zal in mei 2009 criteria gaan vaststellen. Daarnaast is Nevedi betrokken bij een initiatief dat zich richt op certificering van soja voor diervoeder, specifiek op het punt van ontbossing en gericht op versnelling van het RTRS proces.
De aangedragen alternatieven in het onderzoeksrapport zijn gebaseerd op een startvoer voor varkens. Een beperkt en niet representatief deelsegment van de totale Nederlandse diervoederproductie. Een dergelijke eenzijdige benadering maakt een vertaling naar de werkelijkheid lastig. Daarnaast betreft het een momentopname, prijsberekeningen zijn gebaseerd op statische marktprijzen. Gelet op de ontwikkelingen en verwachte toenemende is een prijsverhoging van 5 tot 8 % slechts een inschatting. Er is geen beschouwing op de effecten van prijsstijgingen in de grondstoffenmarkt meegenomen. Er is geen enkele aanleiding om aan te nemen dat een afnemende vraag naar Zuid-Amerikaanse soja voor Nederlands diervoeder zal leiden tot een lagere productie van soja. Nederlandse diervoederindustrie gebruikt ca 1% van de totale hoeveelheid sojameel in Zuid-Amerika. Ter vergelijking: China importeert ca 38% van de Zuid Amerikaanse productie. Naar verwachting leidt een afnemende Europese vraag tot een grotere afzet in Azië.
Nevedi vraagt zich af wat Stichting Natuur en Milieu wil bereiken met haar onderzoek. Het bevat geen nieuwe feiten en draagt niet constructief bij aan een oplossing van het ontbossingsvraagstuk. Nevedi roept SNM op zich constructief op te stellen en het RTRS-proces dat gericht is op certificering van verantwoord geproduceerde soja te ondersteunen. Dat kan eenvoudig door actief te worden in de Nederlandse Soja Coalitie en zich aan te sluiten bij de RTRS. De Nederlandse sojacoalitie overlegt frequent met de overheid en het bedrijfsleven waaronder Nevedi.
Terug |